Rozemarijn

Rozemarijn (Rosmarinus officinalis) is een houtige plant uit de lipbloemenfamilie (Lamiaceae). De winterharde en meerjarige plant is oorspronkelijk afkomstig uit Zuid-Europa en Klein-Azië.

Botanische beschrijving

Rozemarijn is een groenblijvende heester. De takken kunnen 0,5-1,5 m lang worden. De lijnvormige bladeren zijn zittend en aan de onderkant grijs; ze zijn harsachtig, leerachtig, naaldachtig en (m.u.v. de Rosmarinus officinalis 'Wilma's Gold') donkergroen. De plant bloeit in Nederland van april tot juni met 1-1,2 cm lange, blauwviolette (soms witte) bloemen.

Vermeerdering

Het zaad van rozemarijn is geelbruin, vettig en klein. Zaaien kan in de lente in een broeikas of buitenshuis in de zomer. De kieming is onregelmatig. Het zaad heeft een temperatuur van minstens 21 °C nodig om te ontkiemen. De beste manier om rozemarijn te vermeerderen is door stekken of afleggen. Stekken kan door in augustus topstekken te nemen en deze met of zonder stekpoeder in stekgrond te zetten.

Rozemarijn wordt verplant als deze groot genoeg is om te hanteren, 60 tot 90 cm van elkaar. De plant kan binnenshuis in een bak worden gekweekt op een zonnige plaats.

Geschiedenis

Rozemarijn is een oud middel voor de versterking van het geheugen, en het is een symbool voor vriendschap en trouw. Rozemarijn hing samen met niet-vergeten: men gaf takjes aan geliefden die op reis gingen en droeg kransen bij bruiloften. Men vond al restanten van rozemarijn terug in de piramiden van de Egyptenaren, bij wie het kruid als heilig aangeschreven stond. Bij de Grieken en Romeinen stond het symbool voor liefde, vriendschap en trouw. Het plantje werd bij huwelijks- en geboorterituelen gebruikt. Anna van Kleef droeg een krans van rozemarijn toen ze met Hendrik VIII huwde. In de oudheid was rozemarijn, net als de meeste andere aromatische kruiden, verbonden aan de cultus van Aphrodite/Venus. De Oude Grieken associeerden de sterke geur met de liefde en gebruikten rozemarijn bij bruiloften. Ook geloofden de Grieken in de versterkende werking voor de hersenen en het verfrissen van het geheugen; tijdens examens deden zij een takje rozemarijn in het haar.

Herkomst naam

De botanische naam Rosmarinus betekent letterlijk: dauw der zee. Deze naam verwijst waarschijnlijk naar het feit dat de altijd groene struik met name langs de kust groeide.

Gebruik

Aangezien de smaak sterk is, is rozemarijn vooral geschikt om vleessoorten met een sterke smaak te begeleiden, zoals wild en rood vlees. Het overleeft een bak- en braadproces uitstekend. Het kan tevens gebruikt worden in slaatjes en sauzen

Aromatisch

De plant heeft een aromatische geur en wordt veel gebruikt om badkamerproducten van een geur te voorzien. Gedroogde stengels, zonder blad, kunnen worden verbrand voor een aangename geur. Twijgen kunnen tussen linnengoed worden gelegd. De plant houdt insecten op afstand en kan aldus worden rondgestrooid als er buiten wordt gegeten.